Duiding · Belgische regelgeving

Het wetsontwerp overheidsopdrachten 2026 uitgelegd

Wat het Belgische wetsontwerp van 9 oktober 2026 verandert aan overheidsopdrachten, wanneer het zou gelden en wat het betekent voor ondernemingen en aankopers.

Uitgegeven door
TenderTrust Consultancy
Versie
1.0 ·
Onderwerp
Kamerstuk DOC 56 1785/001
Status
Wetsontwerp – nog geen wet
Leestijd
± 27 minuten

Dit is een wetsontwerp, nog geen wet. De federale regering diende de tekst op 9 oktober 2026 in bij de Kamer van volksvertegenwoordigers. De Kamer moet hem nog bespreken en goedkeuren, en amendementen blijven mogelijk. Tot de nieuwe regels in werking treden, gelden de huidige regels gewoon verder, ook voor elke aanbesteding die vandaag loopt of binnenkort start. We werken deze duiding bij wanneer de tekst evolueert.

In het kort

  1. Kleine opdrachten worden groter. Een opdracht van beperkte waarde, met een eenvoudige raadpleging en een aanvaarde factuur, kan straks tot een geraamde waarde van 75.000 euro, met een goed te keuren uitgave onder 90.000 euro. Vandaag is dat 30.000 euro.
  2. Onder 3.000 euro mag een overheid rechtstreeks gunnen. Eén onderneming, geen bestek, geen vergelijking van offertes en geen bekendmaking.
  3. Boven de Europese drempel telt kwaliteit mee. Gunnen op enkel de prijs mag dan nog alleen voor gestandaardiseerde prestaties, of als de vereiste kwaliteit volledig in het bestek staat.
  4. Een foute handtekening is niet meer fataal. Ontbreekt de handtekening of is ze ongeldig, dan moet de overheid u de kans geven om dat recht te zetten.
  5. Minder bewijsstukken bij de indiening. Onder de Europese drempel geldt uw offerte zelf als verklaring op erewoord. De bewijzen volgen pas vóór de gunning.
  6. Selectiecriteria worden soms facultatief. Voor leveringen en diensten onder de Europese drempel mag de overheid er in een openbare procedure of een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure van afzien.
  7. Energie-efficiëntie wordt verplicht voor alle aanbesteders, ook lokale besturen, vanaf de Europese drempel. Dit deel geldt al tien dagen na de publicatie van de wet.
  8. De rest volgt later. Het grootste deel van de wet treedt pas in werking op een datum die de regering nog moet vastleggen.

01 Wat is dit wetsontwerp?

Het wetsontwerp "tot wijziging van diverse bepalingen inzake overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten" past de Belgische regels aan voor de manier waarop overheden werken, leveringen en diensten aankopen. Het is geen nieuwe wet, maar een reeks wijzigingen aan de wetten die vandaag gelden.

Het grootste deel van de wijzigingen gaat naar de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten. Daarnaast past het ontwerp de concessiewet van dezelfde datum aan, de wet van 13 augustus 2011 over opdrachten op defensie- en veiligheidsgebied en de wet van 17 juni 2013 over motivering, informatie en rechtsmiddelen.

Het ontwerp heeft drie doelen samenvatting:

  • Vereenvoudigen. Volgens de regering ervaren zowel overheden als ondernemingen de regels als bijzonder complex. Dat leidt tot fouten, betwistingen en vertraging, en het houdt vooral kmo’s weg van overheidsopdrachten. De vereenvoudiging richt zich vooral op opdrachten onder de Europese drempels, waar België zelf meer ruimte heeft.
  • Europees recht omzetten. Artikel 7 van de Europese energie-efficiëntierichtlijn 2023/1791 moest uiterlijk op 11 oktober 2025 omgezet zijn. België is daarmee te laat.
  • Korte ketens verduidelijken. Overheden krijgen meer zekerheid dat ze bevoorrading via korte ketens mogen meewegen, bijvoorbeeld bij de aankoop van voeding.

Het ontwerp bouwt voort op de wet van 22 december 2023, die de toegang van kmo’s tot overheidsopdrachten al wilde verbeteren. Het neemt ook een aanbeveling over uit het informatieverslag van de Senaat van 8 maart 2024 over betere aanbestedingsprocedures, en het verwijst uitdrukkelijk naar Nederland, waar rechtstreeks gunnen bij kleine opdrachten al langer de regel is.

Wie wordt erdoor geraakt?

Iedereen die met overheidsopdrachten te maken heeft. Aankopers moeten hun modelbestekken, interne aankoopregels en werkwijzen aanpassen. Ondernemingen krijgen te maken met andere spelregels bij de indiening, de beoordeling en de informatie die ze krijgen. De nieuwe bedragen voor kleine opdrachten, de handtekening, de volgorde van de controle en de energie-efficiëntie gelden ook in de speciale sectoren (water, energie, vervoer en post). Andere wijzigingen, zoals de regel over prijs en kwaliteit en de soepelere selectie, staan in het deel over de klassieke sectoren.

02 Waar staat het ontwerp en wanneer geldt het?

Een wetsontwerp is een tekst van de regering die aan het parlement wordt voorgelegd. Het wordt pas wet nadat de Kamer het heeft goedgekeurd, de Koning het heeft bekrachtigd en het in het Belgisch Staatsblad is verschenen.

  1. 30 april 2026De federale ministerraad keurt het voorontwerp van wet goed.
  2. 18 juni 2026De Raad van State geeft advies (nr. 79.325/1). De regering past de tekst op een aantal punten aan.
  3. 9 oktober 2026De regering dient het wetsontwerp in bij de Kamer (DOC 56 1785/001). De tekst wordt op 13 oktober rondgedeeld.
  4. 15 oktober 2026De Kamer aanvaardt de urgentie die de regering vroeg. Het ontwerp wordt daardoor sneller behandeld.
  5. Bespreking en stemmingDe bevoegde Kamercommissie bespreekt de tekst, eventueel met amendementen. Daarna stemt de plenaire Kamer. Een datum is niet bekend.
  6. Bekrachtiging en publicatieDe Koning bekrachtigt de wet, waarna ze in het Belgisch Staatsblad verschijnt.

De Senaat komt er niet aan te pas. Het ontwerp regelt een aangelegenheid van artikel 74 van de Grondwet, waarvoor alleen de Kamer bevoegd is art. 1 ontwerp.

In werking in drie stappen

Niet alles start op hetzelfde moment art. 46 ontwerp. Telkens geldt de nieuwe regel alleen voor opdrachten die vanaf die datum bekendgemaakt worden (of hadden moeten worden), of waarvoor vanaf dan tot offerte wordt uitgenodigd. Lopende procedures en gesloten contracten blijven onder de oude regels.

Wanneer gaat wat in?
WanneerWat
Tien dagen na publicatie in het Belgisch StaatsbladDe nieuwe regels over energie-efficiëntie, met de nieuwe bijlage IX. Dat deel is een laattijdige Europese omzetting en krijgt daarom voorrang.
Drie maanden na publicatieDe verduidelijking over korte ketens als gunningscriterium en de bijbehorende rapportering.
Op een datum die de Koning bepaaltAl de rest: de nieuwe bedragen voor kleine opdrachten, de rechtstreekse gunning, de regels over prijs en kwaliteit, de handtekening, het UEA, de verklaring op erewoord, de selectiecriteria en de informatie na de opening.

Die laatste datum hangt samen met de aanpassing van de uitvoeringsbesluiten, zoals het koninklijk besluit plaatsing van 18 april 2017. Veel praktische details zullen daar staan.

Wat betekent dit vandaag?

Er verandert vandaag niets. Een bestek dat nu verschijnt, beantwoordt u volgens de huidige regels. Een regeringsontwerp dat met urgentie wordt behandeld en door de meerderheid gedragen wordt, verandert zelden nog ingrijpend. Het is dus verstandig om de komende maanden te gebruiken om u voor te bereiden.

03 Kleine opdrachten: 3.000 en 75.000 euro

Opdrachten van uiterst beperkte waarde: onder 3.000 euro

Het ontwerp voegt een nieuwe categorie toe art. 92/1 wet. Een opdracht met een geraamde waarde onder 3.000 euro en een goed te keuren uitgave onder 3.600 euro (beide exclusief btw) mag de overheid rechtstreeks gunnen. Ze kan tot stand komen via een aanvaarde factuur.

Voor die opdrachten gelden bijna geen plaatsingsregels meer. Alleen de definities, de regels over belangenconflicten, de verplichting om het milieu-, sociaal en arbeidsrecht na te leven en de ramingsregels blijven van toepassing. In de praktijk betekent dat:

  • geen verplichting om meerdere ondernemingen te raadplegen;
  • geen bestek;
  • geen controle van de uitsluitingsgronden;
  • geen bekendmaking.

Een overheid mag zelf strengere regels toepassen, maar moet dan in haar opdrachtdocumenten vermelden welke. Overheden die hun beslissingen formeel moeten motiveren, kunnen volstaan met de vermelding in het dossier dat de raming onder 3.000 euro en de uitgave onder 3.600 euro ligt.

Opdrachten van beperkte waarde: van 30.000 naar 75.000 euro

De bekendste wijziging. De grens voor een opdracht van beperkte waarde gaat van 30.000 euro naar 75.000 euro geraamde waarde art. 92 wet · art. 20 ontwerp. Er komt een tweede, cumulatieve voorwaarde bij: de goed te keuren uitgave moet onder 90.000 euro blijven. De categorie begint voortaan bij 3.000 euro; daaronder geldt de rechtstreekse gunning.

De regering wijst erop dat de grens van 30.000 euro in tien jaar niet werd aangepast en dat het aankopen intussen complexer werd. Een loutere inflatieaanpassing volstond volgens haar niet. De Koning kan de nieuwe bedragen later aanpassen aan de inflatie.

Een opdracht van beperkte waarde blijft sterk vereenvoudigd. De overheid raadpleegt waar mogelijk meerdere ondernemingen, maar er is geen formele procedure en de opdracht kan tot stand komen met een aanvaarde factuur. De memorie van toelichting vraagt overheden om die soepelheid niet zelf weer teniet te doen door onnodig extra documenten op te vragen.

Kleine opdrachten: vandaag en in het wetsontwerp (excl. btw)
CategorieVandaagWetsontwerp
Uiterst beperkte waarde: rechtstreekse gunningBestaat niet als aparte categorieRaming < € 3.000 en uitgave < € 3.600 art. 92/1
Beperkte waarde: eenvoudige raadpleging, aanvaarde factuurRaming < € 30.000Raming € 3.000 tot < € 75.000 en uitgave < € 90.000 art. 92
Geen jaarlijkse rapportering over kleine opdrachtenGunningsbedrag < € 3.000Gunningsbedrag < € 30.000 art. 165

Waarom twee bedragen: raming en uitgave?

De raming is wat de overheid vooraf schat dat de opdracht kost, over de hele looptijd. De goed te keuren uitgave is het bedrag van de offerte die ze wil kiezen. Valt die offerte iets hoger uit dan de raming, dan moest een overheid vroeger soms de hele procedure overdoen voor een verschil van enkele honderden euro. Ondernemingen hadden dan voor niets kosten gemaakt.

De marge van 20 % (90.000 tegenover 75.000 euro, en 3.600 tegenover 3.000 euro) vangt zulke kleine ramingsfouten op. Ze is geen vrijbrief: de raming zelf moet correct onder de grens liggen, en de tweede voorwaarde moet volgens de regering ook misbruik helpen voorkomen.

Let op

Ook onder deze bedragen moet een overheid de Europese beginselen van transparantie en gelijke behandeling respecteren als een opdracht een duidelijk grensoverschrijdend belang heeft, bijvoorbeeld door haar waarde, haar technische aard of de plaats van uitvoering. In dat geval is een vorm van bekendmaking nodig. De memorie van toelichting verwijst daarvoor naar vaste rechtspraak van het Hof van Justitie.

04 Gunnen: boven de Europese drempel niet meer enkel op prijs

De beste prijs-kwaliteitverhouding wordt de norm

Vandaag kiest een overheid vrij of ze gunt op de prijs alleen, op de kosten of op de beste prijs-kwaliteitverhouding. Het ontwerp beperkt die keuze in de klassieke sectoren voor opdrachten met een geraamde waarde vanaf de Europese drempel art. 81, § 2/1 wet. Daar mag de overheid de economisch meest voordelige offerte niet meer uitsluitend op basis van de prijs bepalen, tenzij aan één van twee voorwaarden is voldaan:

  1. de werken, leveringen of diensten zijn gestandaardiseerd en beschikbaar op de markt; of
  2. de vereiste kwaliteit wordt integraal beschreven in de opdrachtdocumenten.

Onder de Europese drempel verandert er niets: gunnen op de prijs alleen blijft daar gewoon toegelaten.

Wat is "gestandaardiseerd"?

Volgens de memorie van toelichting gaat het om alledaagse en onderling uitwisselbare prestaties waarvan de kenmerken (vrijwel) identiek zijn, ongeacht wie ze levert. De kwaliteit verschilt niet wezenlijk van onderneming tot onderneming en de offertes verschillen vooral in prijs. Voorbeelden uit de toelichting: producten die door technische normen gestandaardiseerd zijn, gewone leveringen zoals papier, en bij werken het leggen van leidingen volgens precieze normen.

"Integraal beschreven" betekent niet dat het bestek elk denkbaar detail moet bevatten. De relevante kwaliteitskenmerken moeten nauwkeurig genoeg vastliggen om de offertes vergelijkbaar te maken en elk betekenisvol kwaliteitsverschil uit te sluiten.

De regering verwacht dat de mededinging zo meer op kwaliteit en minder op prijs zal spelen, met meer aandacht voor duurzaamheid en innovatie. Ze erkent dat dit een wezenlijke impact zal hebben op de werkwijze van de aanbesteders.

Voor inschrijvers

Gunt een overheid boven de Europese drempel toch op prijs alleen, dan moet ze een van de twee uitzonderingen kunnen inroepen. Vindt u dat uw product of dienst wel degelijk in kwaliteit verschilt, dan kunt u dat via een vraag tijdens de procedure aankaarten. Omgekeerd wordt de kwaliteit van uw offerte bij meer opdrachten een beslissende factor: uw aanpak, uw team en uw bewijzen moeten concreet en toetsbaar zijn.

Duurzaamheid en levenscyclus uitdrukkelijk in de wet

Een gunningscriterium moet verband houden met het voorwerp van de opdracht. Dat kon vandaag al over de hele levenscyclus gaan. Het ontwerp noemt nu uitdrukkelijk de duurzaamheid, de repareerbaarheid en het renovatiepotentieel als voorbeelden art. 81, § 3 wet. Bij de berekening van de levenscycluskosten worden ontmanteling en renovatie toegevoegd aan de kosten aan het einde van de levensduur, naast inzameling en recyclage art. 82 wet.

De memorie van toelichting geeft er een omschrijving bij. Repareerbaarheid gaat bijvoorbeeld over het aantal onderdelen, het gebruik van standaardonderdelen, de toegang tot productinformatie en de beschikbaarheid van gereedschap en software om te herstellen. Renovatiepotentieel gaat over de mogelijkheid om een bouwwerk te hergebruiken, te verbeteren of te moderniseren zonder het af te breken.

05 Indienen: handtekening, UEA en bewijsstukken

De elektronische handtekening: een tweede kans

Een fout bij de elektronische handtekening is vandaag een van de vaakste redenen waarom een offerte die inhoudelijk in orde is, toch geweerd wordt. Volgens de regering raken vooral kleine ondernemingen daardoor uit de boot, of schrijven ze zelfs niet in. Het ontwerp legt de regels daarom in een nieuw artikel vast art. 14/3 wet:

  • De finale offerte moet ondertekend zijn, tenzij de opdrachtdocumenten anders bepalen.
  • Bij een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking is het omgekeerd: daar is geen handtekening nodig, tenzij de opdrachtdocumenten ze vragen.
  • Een aanvraag tot deelneming moet nooit ondertekend worden. Ook een intrekking van een offerte vóór de uiterste indieningsdatum hoeft geen handtekening.
  • Zeggen de opdrachtdocumenten niets over het type, dan is een gekwalificeerde elektronische handtekening vereist.
  • U ondertekent alles in één keer via het indieningsrapport. De offerte, de bijlagen en het UEA hoeft u niet apart te ondertekenen.
  • Aanvullende inlichtingen die de overheid achteraf vraagt, hoeven in principe niet ondertekend te worden.

Het belangrijkste is de verplichte regularisatie. Ontbreekt de handtekening op het indieningsrapport of is ze niet geldig, dan is de offerte nog altijd substantieel onregelmatig. Maar de overheid moet u de kans geven om dat recht te zetten, binnen een termijn die in de opdrachtdocumenten staat en die altijd tussen vijf en vijftien dagen ligt. De wettekst spreekt van dagen, de memorie van toelichting van werkdagen. Lukt de regularisatie niet, dan wordt de offerte nietig verklaard.

U hoeft voor de regularisatie niet uw hele offerte opnieuw in te dienen. De juiste persoon kan het bestaande indieningsrapport alsnog ondertekenen. Schrijft u in als combinatie en ontbreekt één handtekening, dan volstaat het om die ontbrekende handtekening aan te leveren.

Deze regels gelden alleen bij indiening via het elektronische platform. Volgens de memorie van toelichting is de verplichte regularisatie niet van toepassing op opdrachten van beperkte waarde, waar een handtekening sowieso niet standaard vereist is. De overheid mag de ondertekeningsvereisten niet wijzigen tijdens de procedure.

Het UEA: alleen vanaf de Europese drempel

Het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA) is de standaardverklaring waarmee u voorlopig aantoont dat u niet uitgesloten bent en aan de selectie-eisen voldoet. Het ontwerp zet in de wet zelf dat het UEA hoort bij opdrachten vanaf de Europese drempel art. 73 wet. Daarnaast:

  • mag u in plaats van het UEA ook certificaten of attesten van overheden of derden voorleggen. Dat volgt uit het arrest LIPOR van het Hof van Justitie van 22 januari 2026. De regering waarschuwt wel dat u in de praktijk zelden alles met certificaten kunt bewijzen, bijvoorbeeld uw verklaring dat u het arbeidsrecht naleeft. Het UEA blijft dus de veiligste weg;
  • moet de overheid ervoor zorgen dat u het UEA rechtstreeks op het platform kunt invullen art. 73/1 wet. Dat moet fouten met ontbrekende of verkeerde UEA’s voorkomen;
  • mag de overheid niet meer eisen dat u de onderliggende bewijsstukken al bij de indiening meestuurt, behalve bij dwingende spoed.

De impliciete verklaring op erewoord

Onder de Europese drempel geldt de indiening van uw offerte of aanvraag zelf als verklaring dat u niet uitgesloten bent en, waar nodig, aan de selectiecriteria voldoet art. 74 wet. Vandaag is die regel grotendeels uitgewerkt in het koninklijk besluit plaatsing. Het ontwerp legt hem in de wet zelf vast en laat hem gelden voor elke procedure onder de Europese drempel. Boven de drempel kan het in een aantal welomschreven gevallen van onderhandelingsprocedure zonder bekendmaking, als de overheid dat in de opdrachtdocumenten aangeeft.

Doet u een beroep op de draagkracht van een andere onderneming, dan geldt de verklaring ook voor die onderneming. Vóór de gunning vraagt de overheid de actuele bewijsstukken op bij de onderneming waaraan ze wil gunnen. Ze raadpleegt ook nog altijd zelf de beschikbare databanken (Telemarc) voor de uitsluitingsgronden.

Voor bepaalde onderhandelingsprocedures zonder bekendmaking, met name als de goed te keuren uitgave onder het bedrag blijft dat de Koning daarvoor bepaalt, en bij dwingende spoed, kan de Koning de overheid toestaan om bepaalde bewijzen niet te eisen art. 75 wet. De memorie van toelichting noemt het uittreksel uit het strafregister, behalve in fraudegevoelige sectoren.

Only once: niet opnieuw indienen wat de overheid al heeft

U hoeft geen bewijsstukken voor te leggen die de overheid zelf gratis kan raadplegen in een nationale databank art. 74/1 wet. Nieuw is dat u ook geen documenten opnieuw hoeft in te dienen die de overheid al van u kreeg in een andere plaatsingsprocedure, ook als die niet tot een contract leidde. Voorwaarde: u vermeldt in uw offerte om welke procedure het gaat, en de documenten voldoen nog aan de eisen.

06 Selectie en de volgorde van de controle

Geen selectiecriteria meer verplicht onder de drempel

De wet zegt voortaan uitdrukkelijk dat de overheid een of meer selectiecriteria bepaalt over de geschiktheid om de beroepsactiviteit uit te oefenen, de economische en financiële draagkracht en/of de technische en beroepsbekwaamheid art. 71 wet. Ze hoeft dus niet alle drie de soorten te gebruiken.

Maar voor leveringen en diensten onder de Europese drempel mag de overheid in een openbare procedure of een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking volledig afzien van selectiecriteria. De memorie van toelichting geeft het voorbeeld van het onderhoud van een klein gazon: een opdracht waarbij selectie-eisen weinig toevoegen.

Voor werken geldt die mogelijkheid niet, omdat werken meer risico’s inhouden en onder de erkenningswetgeving vallen. Een overheid kan zich daar wel beperken tot het vragen van de erkenning.

Eerst de offertes, dan de onderneming

In een openbare procedure of een vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking mag de overheid eerst de regelmatigheid van de offertes nakijken, het prijsonderzoek doen en de offertes rangschikken, en pas daarna nagaan of de inschrijvers niet uitgesloten zijn en aan de selectiecriteria voldoen art. 66, § 2 wet. Dat geldt nu ook voor de controle van fiscale en sociale schulden.

Een voorlopige "miniselectie" op basis van het UEA is niet meer nodig. De overheid moet er wel op toezien dat die controle onpartijdig en transparant gebeurt, zodat geen opdracht gegund wordt aan een onderneming die had moeten worden uitgesloten.

07 Wat u hoort na de opening van de offertes

Sinds de kmo-wet van 22 december 2023 krijgt elke inschrijver bij bepaalde opdrachten onder de Europese drempel zijn voorlopige plaats in het klassement te horen. Het ontwerp breidt dat uit en maakt het eenvormig art. 13 wet.

Bij elke openbare of niet-openbare procedure waarin uitsluitend op prijs gegund wordt, deelt de overheid voortaan meteen na de opening aan elke inschrijver tegelijk mee:

  • zijn eigen, voorlopige plaats in het klassement;
  • de prijs van de laagste offerte;
  • als de overheid dat relevant acht, ook de prijs van de hoogste offerte.

Dat gebeurt via het platform waarop u indiende, en ongeacht of de opdracht onder of boven de Europese drempel ligt. De namen van de andere inschrijvers worden niet meegedeeld. Het gaat om een voorlopig klassement, onder voorbehoud van het nazicht van de offertes, het prijsonderzoek en de controle op abnormale prijzen. Het geeft u geen rechten.

Tegelijk wordt het proces-verbaal van opening niet meer bezorgd tijdens de plaatsingsprocedure. Vroeger kon de overheid kiezen of ze het met iedereen, alleen met de inschrijvers of met niemand deelde. Die keuze verdwijnt.

Een afweging met de mededinging

De Inspectie van Financiën en de Raad van State wezen op een risico: in markten met weinig spelers kan zulke informatie afspraken tussen concurrenten in de hand werken. De Koning kan daarom sectoren met een verhoogd risico op afspraken uitzonderen. De Raad van State raadt aan die sectoren af te bakenen in overleg met de Belgische Mededingingsautoriteit.

08 Energie-efficiëntie wordt een harde eis

Dit is het deel dat het snelst geldt: tien dagen na de publicatie van de wet. Het vervangt artikel 168 van de wet en het koninklijk besluit van 13 juli 2014 over energie-efficiëntie, dat wordt opgeheven art. 168 en bijlage IX wet · art. 45 ontwerp.

De regel in gewone taal

Bij elke opdracht met een geraamde waarde vanaf de Europese drempel koopt een aanbesteder uitsluitend producten, diensten, gebouwen en werken met hoge energie-efficiëntieprestaties, volgens de eisen van de nieuwe bijlage IX. Ook voor opdrachten waarvoor die bijlage geen specifieke eis bevat, past hij het beginsel "energie-efficiëntie eerst" toe: vóór hij koopt, onderzoekt hij of er een zuiniger alternatief bestaat, en verwerkt hij dat in de technische specificaties of de gunningscriteria.

Wat verandert ten opzichte van de huidige regeling:

  • de regel geldt voor alle aanbesteders, uitdrukkelijk ook lokale besturen. De oude regeling had een veel beperkter bereik;
  • ook werken en de aankoop of huur van gebouwen vallen eronder. Voor gebouwen geldt de Europese drempel voor diensten;
  • de vroegere uitzonderingen op grond van kosteneffectiviteit, economische haalbaarheid, bredere duurzaamheid of onvoldoende mededinging verdwijnen. Dat iets duurder is, volstaat dus niet meer om af te wijken.

Er blijven drie uitzonderingen: als de eis technisch niet haalbaar is, als ze de openbare veiligheid zou ondermijnen of de respons op een noodsituatie voor de volksgezondheid zou belemmeren, en voor bepaalde opdrachten van de strijdkrachten. Wie zich op technische onhaalbaarheid beroept, moet dat vóór de start van de procedure beoordelen, documenteren en de motivering in het dossier bewaren art. 164, § 1, 12° wet.

De zes regels van bijlage IX

Energie-efficiëntie-eisen volgens bijlage IX
Wat wordt aangekocht?Wat moet de aanbesteder doen?
1. Producten met een Europees energielabelAlleen producten kopen die voldoen aan het criterium van artikel 7, lid 2, van de Europese verordening energie-etikettering (2017/1369). De Europese productdatabank EPREL helpt om dat na te gaan.
2. Producten met ecodesign-eisen, maar zonder labelAlleen producten kopen die de energie-efficiëntiebenchmarks uit de betrokken uitvoeringsmaatregel halen.
3. Producten en diensten met criteria voor groene overheidsopdrachtenAlles in het werk stellen om alleen producten en diensten te kopen die minstens voldoen aan de technische specificaties op "kernniveau" van de Europese of gelijkwaardige nationale criteria, onder meer voor datacenters en clouddiensten, straat- en verkeersverlichting, computers, monitoren, tablets en smartphones.
4. BandenAlleen banden uit de hoogste brandstofrendementsklasse, tenzij veiligheid of volksgezondheid de beste grip op nat wegdek of het laagste rolgeluid vereisen.
5. DienstenEisen dat de dienstverlener voor de opdracht alleen nieuwe producten aankoopt die aan regel 1, 2 en 4 voldoen.
6. GebouwenAlleen gebouwen kopen of nieuw huren die minstens voldoen aan de gewestelijke minimumeisen voor energieprestaties, met uitzonderingen voor grondige renovatie of afbraak, doorverkoop en beschermd erfgoed.

Valt een product onder meer dan één van deze regels, dan geldt de meest ambitieuze eis. Voor punt 6 verwees de Raad van State naar de bevoegdheid van de gewesten; de regering paste de tekst daarop aan.

Transparantie en gebouwen

  • In het elektronische aankondigingsformulier duidt de aanbesteder aan of energie-efficiëntie van toepassing is, en zo ja voor welke productcategorie. Dat gebeurt bij de aankondiging van de opdracht en bij de aankondiging van de gegunde opdracht. In bestekken wordt dit dus zichtbaarder.
  • Bij diensten met een aanzienlijk energiegehalte, zoals warmtelevering, onderhoud van gebouwen of straatverlichting, gaat de aanbesteder na of een energieprestatiecontract op lange termijn haalbaar is.
  • Bij nieuwbouw en renovatie kan de aanbesteder informatie vragen over het aardopwarmingsvermogen over de hele levenscyclus, koolstofarme materialen en circulariteit. De memorie van toelichting vraagt overheden daar voorzichtig mee te zijn zolang veel ondernemingen, en zeker kmo’s, die gegevens nog niet kunnen leveren.

Voor inschrijvers

De raming telt de hele looptijd en alle percelen samen. Een raamovereenkomst van vier jaar voor 60.000 euro per jaar komt boven de Europese drempel voor leveringen en diensten van 216.000 euro, en valt dus onder deze regels. Aanbesteders zullen de eisen naar verwachting als minimumvoorwaarde in het bestek opnemen. Een aangeboden product dat er niet aan voldoet, kan uw offerte onregelmatig maken. Zorg dus dat de energiegegevens van uw producten klaarliggen.

09 Andere wijzigingen

Gelegenheidsaankopen ook in de klassieke sectoren

In de speciale sectoren bestond het al: een overheid die gedurende zeer korte tijd een bijzonder voordelige kans krijgt om leveringen aan te kopen, ver onder de normale marktprijs, mag dat via een onderhandelingsprocedure zonder voorafgaande bekendmaking. Het ontwerp maakt dat ook mogelijk in de klassieke sectoren, op voorwaarde dat de goed te keuren uitgave onder de Europese drempel blijft art. 42, § 1, 6° wet. Het kan om nieuwe of tweedehandsproducten gaan. Een particulier die een tweedehandsproduct verkoopt, hoeft geen elektronische factuur op te maken.

Korte ketens

De wet vermeldt voortaan uitdrukkelijk dat een overheid "bevoorrading via korte ketens" mag meewegen in een gunningscriterium art. 81, § 2, 3°, a) wet. Volgens de regering verandert dat niets aan de rechtstoestand, maar geeft het meer zekerheid. Het is geen nieuw, op zichzelf staand criterium en het mag niet gelezen worden als een toelating voor een lokale of geografische voorkeur. Het criterium moet verband houden met het voorwerp van de opdracht, objectief en niet-discriminerend zijn. Bij opdrachten voor voeding moet de overheid het gebruik van korte ketens melden in het aankondigingsformulier, zodat het gebruik kan worden opgevolgd.

Raamovereenkomsten en kleine bestellingen

Bij een raamovereenkomst met meerdere ondernemingen en een nieuwe mededinging moest de overheid elke bestelling gunnen aan de beste offerte volgens de criteria van de raamovereenkomst, behalve bij opdrachten van beperkte waarde. Die uitzondering verdwijnt art. 43, § 6, 4° wet. De regering noemt ze een onduidelijke vorm van goldplating.

De memorie van toelichting herinnert er daarbij aan dat een raamovereenkomst in principe alleen de voorwaarden vastlegt voor latere bestellingen. Tenzij de opdrachtdocumenten anders bepalen, geeft ze de deelnemers geen recht op exclusiviteit en verplicht ze de overheid niet om effectief bij hen te bestellen. Samen met de hogere grens van 75.000 euro is dat een aandachtspunt voor wie een raamovereenkomst heeft binnengehaald.

Elektronische facturatie

De verplichting om elektronisch te factureren geldt niet meer voor opdrachtnemers van buiten de Europese Economische Ruimte, omdat de systemen wereldwijd niet altijd op elkaar aansluiten, en ook niet voor particulieren bij een gelegenheidsaankoop. De aparte uitzondering voor autonome overheidsbedrijven verdwijnt art. 14/1 wet.

Rapportering en rechtsmiddelen

Overheden rapporteren jaarlijks over hun kleine opdrachten. Door de hogere grens van 75.000 euro komen daar meer opdrachten bij, maar opdrachten met een gunningsbedrag onder 30.000 euro (vandaag 3.000 euro) hoeven niet meer gerapporteerd te worden art. 165 wet. In de wet over de rechtsmiddelen worden de verwijzingen naar de bedragen aangepast aan de nieuwe categorieën art. 43–44 ontwerp.

Concessies en defensie

De regels over energie-efficiëntie, de handtekening en de korte ketens worden in gelijkaardige vorm ingevoerd in de concessiewet. De energie-efficiëntieregels gelden ook in de wet op de opdrachten op defensie- en veiligheidsgebied, met een uitzondering voor de levering van militair materiaal art. 32–42 ontwerp.

10 En de Europese Public Procurement Act?

Op 9 september 2026 stelde de Europese Commissie een Public Procurement Act voor: één Europese verordening die de huidige aanbestedingsrichtlijnen zou vervangen. Dat voorstel staat los van dit Belgische wetsontwerp, maar beide wijzen in dezelfde richting: minder papierwerk, meer gewicht voor kwaliteit en meer aandacht voor duurzaamheid.

  • Vandaag en de komende jaren geldt bij Belgische aanbesteders de Belgische wetgeving, onder en boven de Europese drempels. Wordt dit wetsontwerp wet, dan is het dat kader.
  • Boven de Europese drempels zou de Europese verordening op termijn een groot deel van de Belgische regels vervangen, omdat een verordening rechtstreeks geldt. Volgens het voorstel worden de nieuwe regels pas twee jaar na de inwerkingtreding van toepassing, en het Europees Parlement en de Raad moeten er eerst nog over onderhandelen.
  • Onder de Europese drempels blijft België zelf bevoegd. Daar zitten net de grootste vereenvoudigingen van dit wetsontwerp, zoals de grenzen van 3.000 en 75.000 euro.

Lees er meer over in onze duiding van de Public Procurement Act. Wilt u weten welke bedragen vandaag gelden, lees dan onze duiding van de drempelbedragen.

11 Wat betekent dit concreet voor u?

Voor ondernemingen die inschrijven

  • Zorg dat u gekend bent. Opdrachten tot 75.000 euro hoeven niet bekendgemaakt te worden en niet via het e-procurementplatform te lopen. Wie niet uitgenodigd wordt, mist ze. Een goede relatie met aankopers en een vlotte, snelle dienstverlening wegen zwaarder.
  • Investeer in uw kwaliteitsverhaal. Boven de Europese drempel wordt gunnen op prijs alleen de uitzondering. Maak uw aanpak, team, duurzaamheid, levensduur, herstelbaarheid en dienstverlening concreet en met bewijzen.
  • Verwacht meer concurrenten bij kleinere opdrachten. Zonder selectiecriteria kunnen ook kleine of nieuwe spelers meedingen. Het verschil wordt dan gemaakt bij de gunning.
  • Houd uw bewijsdossier actueel. U voegt minder bewijzen toe bij de indiening, maar vóór de gunning moet u ze snel kunnen voorleggen: attesten over sociale en fiscale schulden, het uittreksel uit het strafregister, certificaten en KBO-gegevens.
  • Blijf zorgvuldig ondertekenen. De regularisatie is een vangnet, geen werkwijze. Ken het vereiste type handtekening en de bevoegdheden binnen uw onderneming.
  • Breng de energiegegevens van uw producten in kaart. Dat deel van de wet geldt het eerst, tien dagen na de publicatie.
  • Gebruik de informatie na de opening. Bij prijsdossiers kent u voortaan meteen uw positie en de laagste prijs. Dat helpt bij uw planning en bij volgende offertes.

Voor aankopers

  • Herzie uw modelbestekken en interne aankoopregels: de nieuwe bedragen, de keuze tussen prijs en kwaliteit boven de drempel, de handtekeningsclausule met een regularisatietermijn en de energie-efficiëntie-eisen.
  • Motiveer en documenteer: waarom een prestatie gestandaardiseerd is, waarom energie-efficiëntie technisch niet haalbaar is, en waarom u wel of geen selectiecriteria gebruikt.
  • Maak de soepele regels voor kleine opdrachten niet zelf weer zwaar met extra documenten, en denk na over hoe u bij opdrachten tot 75.000 euro voldoende mededinging blijft organiseren.
  • Let op het grensoverschrijdend belang: ook onder de drempels kan een vorm van bekendmaking nodig zijn.

Onze lezing

Het wetsontwerp maakt het eenvoudiger aan de onderkant en veeleisender aan de bovenkant. Kleine opdrachten worden informeler en minder zichtbaar, grote opdrachten vragen meer kwaliteit en meer aandacht voor energie. Formele fouten wegen minder zwaar, de inhoud van uw offerte des te meer. Wie zich daar nu op voorbereidt, staat sterk zodra de nieuwe regels gelden.

12 Veelgestelde vragen

Geldt de grens van 75.000 euro al?

Nee. Het wetsontwerp moet nog door de Kamer worden goedgekeurd. En ook daarna gaat dit deel pas in op een datum die de regering bij koninklijk besluit vastlegt. Tot dan blijft 30.000 euro de grens voor een opdracht van beperkte waarde.

Mag een overheid straks zonder meer 70.000 euro uitgeven bij één leverancier?

Niet zonder meer. Een opdracht van beperkte waarde blijft een opdracht: de overheid raadpleegt waar mogelijk meerdere ondernemingen, moet de opdracht correct ramen en mag ze niet kunstmatig opsplitsen. Alleen onder 3.000 euro mag ze zonder vergelijking rechtstreeks gunnen.

Wordt mijn offerte nog geweerd als de handtekening ontbreekt?

Niet meteen. Bij indiening via het platform moet de overheid u de kans geven om de handtekening binnen vijf tot vijftien dagen te regulariseren. Pas als dat niet lukt, wordt de offerte nietig verklaard. Bij opdrachten van beperkte waarde geldt die verplichte regularisatie volgens de memorie van toelichting niet.

Moet ik onder de Europese drempel nog een UEA indienen?

Volgens het wetsontwerp hoort het UEA bij opdrachten vanaf de Europese drempel. Daaronder geldt de indiening van uw offerte als impliciete verklaring op erewoord. Lees wel altijd wat de opdrachtdocumenten vragen.

Mag een overheid boven de Europese drempel nog op de laagste prijs gunnen?

Alleen als de prestatie gestandaardiseerd en op de markt beschikbaar is, of als de vereiste kwaliteit volledig in de opdrachtdocumenten beschreven staat. In alle andere gevallen moet ze ook andere criteria dan de prijs gebruiken.

Wanneer moet ik klaar zijn voor de energie-efficiëntie-eisen?

Dat deel treedt in werking tien dagen na de publicatie van de wet in het Belgisch Staatsblad, voor opdrachten die vanaf dan bekendgemaakt worden. Het geldt voor opdrachten met een geraamde waarde vanaf de Europese drempel. Lopende contracten blijven ongemoeid.

Wat moet mijn onderneming nu al doen?

Volg de bespreking in de Kamer, werk aan de onderbouwing van de kwaliteit in uw offertes, houd uw bewijsstukken actueel en breng de energiegegevens van uw producten in kaart. Wilt u weten wat dit voor uw onderneming betekent? Neem contact met ons op.

Bronnen en verantwoording

Officiële tekst van het wetsontwerpKamer van volksvertegenwoordigers, DOC 56 1785/001, 9 oktober 2026 · PDF · 287 blz.Download de officiële tekst ↓
  • Kamer van volksvertegenwoordigers, Wetsontwerp tot wijziging van diverse bepalingen inzake overheidsopdrachten en concessieovereenkomsten, DOC 56 1785/001, 9 oktober 2026: samenvatting, memorie van toelichting, impactanalyse, advies van de Raad van State, wetsontwerp en coördinatie van de artikelen. Dossierpagina op dekamer.be.
  • Raad van State, afdeling Wetgeving, advies nr. 79.325/1 van 18 juni 2026, opgenomen in het Kamerstuk.
  • Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, wet van 17 juni 2016 betreffende de concessieovereenkomsten, wet van 13 augustus 2011 inzake overheidsopdrachten op defensie- en veiligheidsgebied en wet van 17 juni 2013 betreffende de motivering, de informatie en de rechtsmiddelen, in de versie die het ontwerp wijzigt.
  • Richtlijn (EU) 2023/1791 van 13 september 2023 betreffende energie-efficiëntie, artikel 7, en Aanbeveling (EU) 2024/1716 van de Commissie van 19 juni 2024 met richtsnoeren bij de artikelen 5, 6 en 7 van die richtlijn.
  • Hof van Justitie, 22 januari 2026, C-812/24, LIPOR en PreZero Portugal.

Over deze duiding. Deze tekst is geschreven door TenderTrust Consultancy op basis van de officiële tekst van het wetsontwerp zoals ingediend op 9 oktober 2026 en de stand van het dossier op de website van de Kamer. Artikelverwijzingen met "wet" slaan op de wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten zoals het ontwerp ze zou wijzigen; verwijzingen met "ontwerp" slaan op het artikel van het wetsontwerp. De tekst kan bij de bespreking in de Kamer nog wijzigen. Versie 1.0, bijgewerkt op 24 oktober 2026.

Geen juridisch advies. Deze duiding geeft algemene informatie. Ze is geen juridisch advies voor een concrete situatie. Voor een concreet dossier of een lopende aanbesteding gelden de toepasselijke regels en de opdrachtdocumenten.

TenderTrust Consultancy · https://www.tendertrust.be/kennisbank/wetsontwerp-overheidsopdrachten-2026/ · Versie 1.0 (24 oktober 2026)

Terug naar de kennisbank

Vragen over uw situatie?

Regelgeving begrijpen is één.
Een sterk dossier indienen is twee.

TenderTrust begeleidt kmo’s bij openbare aanbestedingen en raamovereenkomsten in Vlaanderen, van de analyse van het bestek tot de finale indiening. Vertel ons kort waar u staat.

Neem contact op info@tendertrust.be

Uw onderneming.
Onze expertise.
Samen vooruit.

Securing government contracts together.